Bronchoscopie
Een bronchoscopisch onderzoek is een onderzoek waarbij de longarts met een bronchoscoop de luchtwegen (bronchiën) bekijkt. Een bronchoscoop (= scoop) is een kijkinstrument, waarmee via een dunne buigzame slang en een lens de luchtwegen worden onderzocht. Bovendien kunnen via dit kijkinstrument zonodig kleine stukjes weefsel worden weggenomen.
De voorbereiding
De arts heeft in elk geval de volgende informatie nodig vooraleer het onderzoek begint:
- Eventuele allergie aan geneesmiddelen of verdoving.
- Eventuele zwangerschap.
- Inname van bloedverdunnende middelen zoals Aspirine, Sintrom, Marcoumar, Marevan of ‘spuitjes in de buik’.
Voor het onderzoek moet men minimaal 4 uur nuchter zijn, dat wil zeggen niet meer eten of drinken. Medicijnen mag men wel blijven gebruiken en innemen met een klein slokje water. Het is verstandig geen knellende kleding te dragen.
Kort voor het eigenlijke onderzoek geeft de verpleegkundige soms een injectie met Atropine in bovenarm of been. Dit medicament remt de vochtproductie in de luchtwegen en veroorzaakt een droge mond. Het is mogelijk dat de patiënt een medicament krijgt om wat rustiger te zijn, vb. Valium of Temesta. Een eventuele gebitsprothese wordt uitgedaan tijdens het onderzoek. Daarna verdooft de arts of de verpleegkundige de keel en mond enkele malen met een verdovingsspray. Dit is nodig om de braakreflex weg te nemen. De verdovingsspray heeft een bittere smaak en geeft een gevoelloze keel. Het slikken gaat nu moeilijker. Er wordt ook nog verdovingsvloeistof in de luchtwegen gedruppeld. Dit kan een hoestprikkel veroorzaken die na enkele seconden weer verdwijnt. Dit is pijnloos, maar onaangenaam.
Het onderzoek
De patiënt zit in een stoel of ligt op een onderzoekstafel. De arts brengt via de neus of de mond de bronchoscoop in de luchtwegen. Tijdens het onderzoek kan de patiënt gewoon doorademen. Via een lampje aan het eind van de scoop kan de arts de binnenkant van de luchtpijp en de vertakkingen ervan bekijken. Soms wordt via dezelfde slang wat slijm weggezogen en/of een klein stukje weefsel (een biopt) weggenomen voor microscopisch onderzoek. Soms vindt de arts het noodzakelijk dat de luchtwegen worden gespoeld (lavage). Een water-zout oplossing wordt dan via de scoop ingespoten die meteen weer wordt afgezogen. Het afgezogen vocht wordt op het laboratorium onderzocht. Het spoelen van de luchtwegen en nemen van een biopt zijn pijnloos. Het onderzoek neemt tussen de 10 en 30 minuten in beslag.
De nazorg
De medicijnen die voor de bronchoscopie worden toegediend, kunnen de rijvaardigheid beïnvloeden. De arts zal de patiënt informeren hoelang hij/zij niet met de wagen mag rijden.
Het is belangrijk dat de patiënt tot anderhalf uur na het onderzoek niet eet en/of drinkt. De verdoving in de keel is dan nog niet uitgewerkt en men zou zich ernstig kunnen verslikken.
Sommige patiënten ondervinden een geïrriteerd gevoel in de keel en lichte sliklast. Ook kan het zijn dat na het onderzoek wat bloederig slijm opgehoest wordt. Hierover hoeft men zich geen zorgen te maken, het verdwijnt vanzelf weer, binnen 1 tot 2 dagen. Als de luchtwegen gespoeld zijn (lavage) kan het zijn dat de patiënt ’s avonds koorts krijgt, of een pijnlijk gevoel bij het ademhalen. Dit is een normaal verschijnsel. Als het de volgende dag nog niet over is, moet de patiënt contact opnemen met de arts. Als er stukjes weefsel via de bronchoscoop weggenomen worden, is er geringe kans op directe complicaties (zoals bloedingen) die in het algemeen niet ernstig zijn en vanzelf weer overgaan.